Hoofdstuk 1 Algemeen - vierde tranche

Uit kennis.vinx.nu
Versie door Han (Overleg | bijdragen) op 13 okt 2015 om 09:44

Ga naar:navigatie, zoeken

Activiteitenbesluit

In paragraaf 1.1.1 Hoofdstuk 1 met name de wijziging van art 1.2 AB van belang. De begripsomschrijving van Type A is enerzijds verduidelijkt maar is ook inhoudelijk wat aangepast.

Artikel I, B

In artikel 1.2 wordt de begripsomschrijving van «inrichting type A» als volgt gewijzigd: 1. In onderdeel f wordt «koudemiddel» vervangen door: synthetisch koude-middel.

2. Na onderdeel g wordt een onderdeel ingevoegd, luidende:

h. waar geen gemotoriseerde modelvliegtuigen, modelvaartuigen of model-voertuigen in de open lucht worden gebruikt;

3. Onderdeel h (oud) wordt geletterd onderdeel i.

4. Onderdeel i (nieuw) wordt als volgt gewijzigd:

a. In de aanhef wordt «in hoofdstukken 3 en 4 alsmede de in de hoofdstukken 3 en 4 van de Regeling algemene regels voor inrichtingen milieubeheer» vervangen door: bij of krachtens de hoofdstukken 3 en 4.
b. Er worden twee onderdelen toegevoegd, luidende:
15°. het in werking hebben van een acculader;
16°. Het op- en overslaan van inerte goederen die niet stuifgevoelig zijn;


Onderdeel B

In artikel 1.2 is de begripsomschrijving van «inrichting type A» verduidelijkt in die zin dat het hier alleen om synthetische koudemiddelen gaat. Synthetische koudemiddelen zijn alle koudemiddelen die niet onder de definitie van «natuurlijk koudemiddel» in artikel 1.1 vallen. Voor natuurlijke koudemiddelen gelden andere grenzen. Dat volgt uit artikel 3.16c, eerste lid. Die grenzen gelden voor alle typen inrichtingen.

Verder is de begripsomschrijving van «inrichting type A» met een uitzondering aangevuld: inrichtingen waar geen gemotoriseerde modelvliegtuigen, mo-delvaartuigen of modelvoertuigen in de open lucht worden gebruikt. Vaak is op modelvliegterreinen het gebruik van modelvliegtuigen de enige activiteit. Nu de vergunningplicht is vervallen en het besluit geen specifieke voorschriften stelt, zouden dergelijke terreinen inrichtingen type A worden. Dat is niet wenselijk omdat het bevoegd gezag dan geen akoestisch onderzoek kan vragen. Dat kan alleen bij inrichtingen type B en C. Tot slot zijn aan de begripsomschrijving van «inrichting type A», onderdeel i (nieuw), twee activiteiten toegevoegd. Op de eerste plaats «het in werking hebben van een acculader». Het gaat hier om een activiteit die, vergeleken met een aantal andere activiteiten in onderdeel i (nieuw), minder milieubelastend is, maar waardoor de inrichting werd aangemerkt als een inrichting type B. Het is daarom verdedigbaar ook deze activiteit uit te zonderen, zodat een inrichting die deze activiteit uitoefent een inrichting type A is.

Op de tweede plaats het «op- en overslaan van inerte goederen die niet stuifgevoelig zijn». In paragraaf 3.4.3 (opslaan en overslaan van goederen) worden verschillende soorten goederen onderscheiden. Er gelden vooral voor-schriften voor goederen die bodembedreigend of stuifgevoelig (bijlage 3, stuif-klassen S1-S4) zijn. Voor het op- en overslaan van inerte niet stuifgevoelige goederen geeft die paragraaf een vrijstelling voor het lozen van regenwater als dat met deze goederen in contact is geweest. Er bleken veel inrichtingen te zijn waar het op- en overslaan van deze goederen de enige activiteit is, die de inrichting een inrichting type B maakte en daarmee meldingsplichtig. Deze wijziging zorgt ervoor dat deze inrichtingen inrichtingen type A zijn. Een melding kan achterwege blijven omdat de milieubelasting van deze activiteit laag is.


Artikel 1.3a AB

Artikel 1.5a AB

Artikel 1.5b AB

Artikel 1.6 AB

Artikel 1.7 AB

Artikel 1.11 AB

Artikel 1.13a AB

Artikel 1.17 AB

Artikel 1.18 AB

Artikel 1.21b AB

Activiteitenregeling

In de AR worden twee artikelen ingevoegd: 1.3b en 1.3c. Deze hebben te maken met de indeling van stoffen (REACH).


Artikel 1.1 AR

Artikel 1.2 AR

Artikel 1.3b AR

Artikel 1.3c AR